Meer schepen passeren straat van Hormuz, ook uit Irak en India
In dit artikel:
Het afgelopen weekend zijn volgens Bloomberg 21 schepen door de Straat van Hormuz gevaren, de zeestraat die de Perzische Golf met de rest van de wereldzeeën verbindt. Dat is het hoogste aantal passanten in twee dagen sinds begin maart, toen het scheepsverkeer sterk terugliep door Iraanse dreigementen en aanvallen; voor het uitbreken van het conflict passeerden normaal zo'n 135 schepen per dag.
De meeste vaartuigen die nu de doorgang wagen, zijn Iraans, maar er voeren ook andere tankers door: zondag passeerde een Iraakse ruwe-olietanker nadat Iran een uitzondering had gemaakt voor “broederland” Irak. India, dat afspraken met Iran sloot, liet acht lpg‑tankers de straat passeren en sporadisch melden ook schepen uit andere landen doorkomsten. Twee Qatarese LNG‑tankers leken te willen passeren voor de eerste export buiten de regio sinds het begin van het conflict, maar sloegen later af en voeren oostelijk richting de wateren bij Oman.
De Straat van Hormuz is strategisch van groot belang: ruim een vijfde van de wereldwijde zeescheepvaart van ruwe olie en aardgas gaat er normaal doorheen. Door de feitelijke controle en de spanningen zijn olie‑ en gasprijzen wereldwijd flink gestegen en dreigen vooral in Azië tekorten aan brandstof. Het is onzeker wanneer de situatie normaliseert zolang het conflict voortduurt.